archiveren

Tagarchief: recept

Zoals aan het vorige recept al te merken was is hier het tomatillo-seizoen begonnen. Tomatillo (Physalis icocarpa) is een groente die in de Mexicaanse keuken veel gebruiDSCF2312kt wordt, een soort van lampionbes die onrijp gegeten wordt als groente, en dan een licht zurige heel specifieke smaak heeft die vaag aan een tomaat, groene paprika of groenteversie van de als fruit verkochte Physalisbessen (P. peruviana) doet denken…

Tomatillo’s zijn makkelijke planten die ongeveer als tomaten gekweekt worden, al hebben ze een lagere maar meer bossig uitgroeiende groeivorm. De planten beginnen vanaf half Augustus bruikbare tomatillo’s te geven tot de eerste nachtvorst, die op veel verschillende manieren gebruikt kunnen worden. Traditioneel worden ze in de Mexicaanse keuken gebruikt voor een groene salsa-saus, maar ze zijn ook heel bruikbaar als accent in sommige gerechten waar je tomaat of paprika (en zeker beide) in gebruikt. Zo leg ik er altijd wat op zelfgemaakte pizza’s als ze beschikbaar zijn en  zijn ze ook lekker in een (vegetarische?) spaghettisaus of ratatouille.

Vandaag heb ik ze gebruik voor het vullen van een courgette die al een stukje groter was dan het normale winkelformaat, maar wel nog lekker zacht, en het viel zo goed mee dat ik het even publiceer… Tomatillo’s zijn hier een cruciaal smaak-element, maar met lekkere afsmakende tomaatjes die veel zon gehad hebben zal het op zich ook al lekker zijn.
Recept is voor 2 personen.

Ingrediënten:
1 grote courgette
2 kleine groene tomatillo’s
3 sterk smakende grote kerstomaten
1/3 teentje knoflook
rijst voor 2 personen
1/2 bouillonblokje
2 soeplepels rozijnen
1 koffielepel pijnpitten
peper en zout
geraspte gouda
geraspte belegen geitenkaas
olijfolie

Bereiding:
Kook de rijst vooraf. Begin met het voorverwarmen van de over wanneer je de courgettes begint te prepareren.

Snij de courgette in 2 en hol de helften uit.
Snij de tomaatjes en tomatillo’s in kleine stukjes.
Voeg courgettevlees, blokjes tomaat en tomatillo, rozijnen, pijnpitjes, fijngemaakt bouillonblokje, peper en zout fijngemaakte knoflook toe aan de rijst en meng alles goed door elkaar.

Vul hiermee de halve courgetten die klaarliggen op een overschotel, en dek ze daarna af met geraspe kaas. Ik heb telkens de ene helft met geitenkaas en de andere helft met simpele gouda afgedekt. Giet dan nog een klein beetke olijfolie in het midden van beide courgetten…

Een half uur in de oven zetten tot de kaas bruin begint te worden en de courgette gaar is, en klaar is Kees…

(serveertip: heel zuidelijke rode wijn bij schenken zoals een rioja)

smakelijk

Bram

Advertenties

(Dit recept is voornamelijk om zelf te onthouden, maar ik zet het online voor het geval iemand er iets aan heeft…)

Dit was eigenlijk één van die mislukte gerechten die uiteindelijk iets heel anders werden dat plots enorm de moeite waard was, en opeens gingen we ook van Mediterraan de oceaan over met  1 klein vruchtje… Het eerste idee was om een soort spinazie-hummus te maken maar dan met bietenloof als spinazie, maar daar was hij te sterk van smaak voor door de look en de sjalot samen, dus heb ik er om te verzachten nog een tomaat en één van de eerste tomatillo’s van het jaar uit de tuin bij gedaan en opeens was het best een interessante saus!

De roma-tomaar was een supeDSCF2312rmarkt-geval van het Belgische type -waterachtig en niet al teveel smaak- en heeft minder aan de smaak bijgedragen dan de nochtans een stuk kleinere tomatillo, een makkelijke groente trouwens, die heel speciale accenten kan geven aan pizza’s, pasta’s en waar Mexicaanse salsa verde op gebaseerd is. Een eenjarig soort Physalis (lampionkers), makkelijk te kweken, waarvan de bessen onrijp bruikbaar zijn vanaf half augustus tot de eerste vorst, en waarvan de laatste tot kerst in de koelkast blijven hier.

De bladeren van rode of anders gekleurde bieten zijn net als die van snijbiet of wilde strandbiet te gebruiken als een lekkere spinazie-groente, en zijn dus altijd de moeite waard om niet weg te gooien maar te gebuiken. (als ze vers genoeg zijn…) Ik heb hier de bladeren van ‘yellow cylindrical’ gebruikt, een interessant ras qua uiterlijk met langwerpige gele bieten die vanbinnen wit geringd zijn, maar de smaak is toch minder dan van gewone rode bietjes vrees ik.  Een gele biet met wit vlees geeft gewone groene bladeren, maar het blad van reguliere rode bieten geeft een meer rode salsasaus natuurlijk.

Door de tomaat is deze saus wel zachter en wateriger geworden dan een hummus zou zijn, en de tomatillo geeft het salsa-gevoel dan opeens richting mexicaanse keuken gaat… Heel veel rood geeft de tomaat vreemd genoeg evenwel niet…

ingrediënten:
200 g kikkererwtenDSCF2301
1 klein lookteentje
1 klein sjalotje
1 kleine tomatillo
6 grote bietbladeren zonder stengel, fijngesneden
1 roma-tomaat
olijfolie
peper, zout, basilicumblad

bereiding:
alles waar nodig is in kleine stukjes doen en dan mixen met de staafmixer en klaar is kees…

Hij was lekker gemixed onder de geïmproviseerde gierst-tabouleh (gierst met wat kruiden, rozijntjes en pijnpitjes) maar als tapenade zijn er nog wel meer mogelijkheden denk ik! De stengels van het bietenloof heb ik apart gestoofd (met rode ajuin, tomaat en 2 tomatillo’s en wat kruiden) voor bij de gierstschotel, samen met de bietjes (gekookt, in schijfjes) en kippen-merguez-worstjes. Goeie combinatie!

groeten

Bram

DSCF1860Oost-Indische kers is zo één van die groenten die meer bekend is als sierplant dan als de heel bruikbaare groente of kruid die hij evengoed is. Dat is op zich best spijtig. Rauw is hij nogal sterk van smaak, met een heel eigen peperige tuinkers-smaak (‘kers’ komt hier niet zonder reden van ‘cresson’) en de meeste mensen die hem eten gebruiken vooral de bloemen om salades te versieren. Maar ook de bladeren zijn (in reepjes gesneden) perfect bruikbaar om een salade pittiger mee te maken. Er wordt blijkbaar zelfs een pittige pesto mee gemaakt.

Rauw is de plant dus vooral een heel dankbaar kruid, dat in geval van de bloemen ook nog eens heel mooi is! (Ook de vruchten worden gebruikt trouwens, ingelegd zijn ze een goede vervanger van kappertjes) Maar wat minder bekend is, is dat de plant zijn peperigheid verliest bij het koken (de pikante smaak komt van vluchtige mosteroliën, die bij het koken verdwijnen) en dan ook als groente kan toegepast worden. Een gemixed soepje à la waterkerssoep of slasoep is bijvoorbeeld ook heel lekker. Maar er zijn meer creatieve mogelijkheden met het blad: door de vorm en stevigheid van de mooi ronde bladeren kan hij bijvoorbeeld  heel goed worden gebruikt om gevulde pakketjes mee te maken, zoals een variatie op Griekse dolmades bijvoorbeeld.

In dit recept dat ik vandaag heb geïmproviseerd (waarschijnlijk eenmalig gemaakt in dDSCF1877e geschiedenis van de planeet) vul ik ze met gehakt, en combineer ik ze met een variatie op mijn afrikaanse groentestoofsel, dat normaal met pindakaas gemaakt wordt, maar ik had toevallig een amandelpasta uit de bio-winkel voorhanden die ik daar eens voor wilde proberen, en inplaats van mijn gewoonlijke pompoenblad uit het oorspronkelijke recept heb ik boomspinazie gebruikt, die op moest omdat hij mijn aardappelbed aan het overwoekeren was. (Op zich kan het recept perfect met gewone spinazie of andere bladgroenten, in Afrika worden er verschillende groenten voor gebruikt waaronder bijvoorbeeld amarant, ganzenvoet en dingen waar ik nog nooit van gehoord heb…)

Het recept dat ik gebruikt heb (voor 2-3 personen):

Gehakpakketjes van Oost-Indische kers

ingrediënten:
250 g geprepareerd Vlaams gehakt
1 sjalot
piepklein teentje look
1/4 bouillonblokje
20-tal Oost-Indische kers bladeren (zo groot mogelijk)
peper, zout
geraspte gouda

DSCF1891Snij de steel van de bladeren af, en laat ze kort koken tot ze gaar zijn. Als er kapotte bladeren zijn kan je die opzij houden om door het gehakt te mengen. Snij ondertussen de sjalot en enkele O.I. kers-bladeren in heel kleine stukjes en meng ze met heel fijngehakte look,  zout, peper en 1/4 van een bouillonblokje door het gehakt. Maak dan langwerpige gehaktballetjes, die je elk in een blad rolt. (Als het blad te beschadigd is rol er een tweede rond.) en leg die naast elkaar in een ovenschotel tot de bodem gevuld is. Rasp er dan genoeg kaas over om alles af te dekken, en zet in de over tot de kaas begint te bruinen. In te tussentijd maak je de rest.

Pseudo-Afrikaanse boomspinaziestoverij met amandelpasta

ingrediënten:
genoeg gehakte boomspinazie om een halve pot mee te vullen
1 grote sjalot
1 tomaat
2 lepels amandelpasta (of pindakaas)
kerriepoeder, peper, zout (fenegriek-zaad)

Laat de gehakte boomspinazie en de sjalot met wat water sudderen tot ze zacht aan het worden zijn, en voeg dan de in heel kleine stukjes gehakte tomaat toe, alsook zout, peper, kerriepoeder en een paar zaadjes fenegriek. Laat alles stoven tot de tomaat zo goed als opgelost is, en voeg dan 2 (koffie-)lepels amandelpasta toe, en blijf een paar minuten roeren op een zachter vuurtje.

Rijst:

Basmati-rijst is heel geschikt bijvoorbeeld.Gewoon koken tot hij gaar is. Een beetje kookvocht van de groenten toevoegen maakt de smaak interessanter.

(Met korianderzaad ipv fenegriek is hij blijkbaar ook wel eetbaar -ik had me vergist- maar ik denk dat fenegriek toch lekkerder is en de kerrie-smaak meer accentueert…)

groeten

Bram

We zijn hier een paar dagen met de kindjes bij de grootouders (mijn ouders dus), in wiens tuin de meeste van mijn planten staan, dus probeer ik even vanalles op culinair vlak en voer wat werkjes uit… Momenteel is het hier een beetje stil qua groenten: pompoenen binnen, en een paar dingen laatste bietjes (eh, enkele enorme bieten) staan nog klaar om geoogst te worden.

De serieuze nachtvorst van vorige week heeft een aantal planten neergehaald voor dit jaar, waaronder de Oost-Indische kers, en ook het loof van mijn oca’s, en ik merkte bij een controleronde ook op dat het koude weer mijn Malva verticillata ‘crispa’ beschadigt. Omdat die laatste plant vorig jaar helemaal verdwenen was na een volledige week temperaturen onder nul, en uit zaad moest terugkomen heb ik dan maar alle bladeren voor ze er niet maar waren gebruikt om eens een receptje bij het middageten te proberen, een Egyptische soep die ik als kind al ben tegengekopen in ‘puur natuur op tafel’ van Roger Phillips, een fantastisch boek dat ik helaas niet in mijn bezit heb, maar ik kwam het recept tegen toen ik op zoek was naar recepten voor kaasjeskruid.

Het originele recept is bedoeld voor Molokhia of Mulukhiyah, wat de bladeren zijn van dezelfde plant waat jute van gemaakt wordt (Corchorus ssp.), een plant van dezelde familie als onze malvesoorten. Deze is blijkbaar populair als groente in tropische gebieden. Maar ook met andere planten van de kaasjeskruidfamilie wordt het recept gemaakt, Roger Phillips gebruikte de algemene wilde soort groot kaasjeskruid, en ik heb het nu dus geprobeerd met Malva ‘crispa’ of dessertbladen. Dat krulkaasjeskruid (zie foto) is een cultivar van een Oost-Aziatische soort, en een oude en niet altijd zo bekende groente die op zich goed groeit waarvan ik nog niet goed weet wat er allemaal mee te doen is. Behalve enorm laten doorschieten heb ik er nog niet zo veel mee gedaan eigenlijk, op hier daar wat blaadjes in gemengde sla of bladgroentenmengsels na dan…

De kaasjeskruidsoep is heel simpel, maar wel lekker. Kaasjeskruid heeft een iets slijmerig bijgevoel, maar is verder wel een heel lekkere spinazie-achtige bladgroente. ik weet niet of een Egyptenaar zijn soep zou herkennen, maar ik vond hem wel lekker, en mijn familieleden die ’s avonds de rest proefden waren ook enthousiast.

(Op zich was mijn versie nog iets ‘wilder’ dan wat ik hier neerschrijf, want bij gebrek aan knoflook had ik in de plaats van knoflookteentjes een paar kraailookbolletje gebruikt)

Het volgende recept is simpel, maar wel leuk:

Kaasjeskruidsoep

Ingredienten:
grote kom Kaasjeskruidbladeren, heel fijngehakt
Bouillon (water met met bouillonblokje bijvoorbeeld)
knoflookteentjes
koriander en peper
olijfolie

Bereiding:
Bouillon aan de kook brengen, en daarna de heel fijngehakte bladeren toevoegen en kort laten koken. vuur afzetten. Lookteentjes door de lookpers halen en samen met peper en korianderpoeder laten bakken in een klein pannetje met een klein beetje olie tot alles goed kleurt, en dan bij de niet meer kokende soep toevoegen. goed doorroeren en 5-tal minuten laten trekken.

Opdienen bijvoorbeeld met heel bruin brood en oude kaas. (Zal niet speciaal Egyptisch zijn, maar is er wel heel lekker bij…)

Smakelijk!

Bram

Knopkruid, op het voetpad in het hartje van Antwerpen.

(English version here)

Knopkruid of Galinsoga is hier, en in grote delen van de wereld trouwens, één van die verschrikkelijke onkruiden die het werk in je moestuin zwaarder maken… Een snelgroeiend eenjarig plantje dat verdwijnt vanaf de eerste vorst, maar dat enorm veel zaden verspreidt en laat het volgend voorjaar terug overal opduikt. Maar wat minder bekend is, is dat dezelfde plant, onder de naam van ‘guasca’, in zijn oorspronkelijke verspreidingsgebied in Zuid-Amerika een onontbeerlijk ingrediënt is van bepaalde gerechten, zoals de Columbiaanse ‘ajiaco‘, een dikke maaltijdsoep met kip, drie soorten aardappelen, en hele kolven suikermais die in hun geheel mee gekookt worden, uren lang tot de kleine aardappeltjes opgelost zijn. Als je recepten zoekt op het internet kom je al snel uit op recepten die de plant als heel mysterieus inheems spul omschrijven en gedroogde import aanbevelen, maar zowel in Europa als in N-Amerika is er kans dat je de plant in kwestie gewoon in de moestuin hebt staan en er al hebt zitten vloeken.

In Vlaanderen en heel dit deel van Europa komen er twee sterk op elkaar gelijkende soorten Galinsoga voor, kaal en harig knopkruid (G. parviflora en G. quadriradiata), die allebei even bruikbaar zijn in de keuken en vooral door specialisten uit elkaar te houden zijn… Liefst jonge planten gebruiken, en niet teveel stengels. Vanaf dat de plant goed in bloei geraakt en zaadjes maakt gaat de eetbaarheid wel achteruit…

Mijn eerste poging om iets in de richting van ajiaco te maken (met een beetje Vlaamse waterzooi-invloeden) had geen 3 soorten Andes-aardappelen, maar twee rassen aardappelen met rode en geelachtige schil (beide vastkokend). Ook heb ik maar een simpel blikje mais gebruikt inplaats van kolven. Recepten geven aan om schijfjes avocado erbij te serveren, zure room en kappertjes, maar ik had geen zure room dus ik heb guacamole gemaakt.

Het resultaat was verrassend lekker, en een heel vullende maaltijdsoep. De ‘guascas’ geven aan het gerecht een voor mij nieuwe smaak, die nog het meest doet denken aan de smaak van zonnebloem-bloemblaadjes (ben ik de enige die daar soms op knabbelt?) en waar zeker nog andere interessante combinaties mee te maken zijn… voor de liefhebbers is hier het eerste Vlaamse ajioca-recept:

ajiaco-zooi met guascas

ingrediënten:
1 ajuin
1 sjalot
1 halve kipfilet
2 rode aardappelen
2 gele aardappelen
een grote bos knopkruid
2 kippenbouillon
1 tomaat
een handje verse erwten
1 blikje suikermais
peper, zout, chilipeper, oregano…
1 avocado
1 lepel yoghurt
kappertjes

Bereidingswijze:
snij de ajuin en sjalot in kleine reepjes, en lfruit ze in een beetje olie. Snijd de kipfilet in kleine stukjes en laat mee aanbraden met een deel van het in stukjes gehakt knopkruid. voeg dan de aardappelen toe, die in blokjes of schijfjes gesneden zijn. (Ik laat de vorm van de stukjes varieren per variëteit, dat geeft wat meer variatie.)
Voeg een blikje mais toe, erwten en een in stukjes gesneden tomaat, en laat alles minstens een uur sudderen (af en toe roeren en zien dat er niks begint aan te
bakken) tot de aardappelen beginnen op te lossen en er een dikke saus ontstaat. Als het teveel ingekoot is voeg je terug water toe. 10 minuten voor het einde voeg je de rest van het fijgehakte knopkruid toe om mee te koken.

Ondertussen maak je guacamole van een zachte rijpe avocado met een lepel yoghurt, wat citroensap, peper en zout, en paprikapoeder naar smaak.

Voor het serveren worden naast guacamole er nog kappertjes naar smaak toegevoegd. Lekker met rode wijn. Een vegetarische/veganistische versie moet trouwens evengoed lukken.